De Vervoerregio Amsterdam werkt aan nieuwe nota Mobiliteit. Dit moet het kader voor de komende jaren worden. We hebben een inspraakreactie geschreven. Dit is onze inspraak:

Geacht bestuur,

Graag reageren we op het ontwerp beleidskader Mobiliteit. Dit mobiliteitskader is dè kans voor inclusieve mobiliteit, zodat een apart beleidskader ‘inclusieve mobiliteit’ niet meer nodig is. We zien daarvoor een aanzet in het concept. Er spelen een paar grote opgaven en vraagstukken als het erom gaat dat mensen met een beperking kunnen reizen als iedereen. Het beleidskader moet een antwoord bieden op de groeiende ongelijkheid in mobiliteit, die steeds vaker wordt aangeduid als ‘vervoers- of mobiliteitsarmoede’. We willen ten eerste reageren op het STOMP principe, dat als leidraad voor dit beleidskader wordt gebruikt.

STOMP staat voor Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Mobiliteitsdiensten, Privé auto. Voor mensen met een beperking en ouderen gaat het STOMP principe niet zonder meer op. Daarom een aantal kritische kanttekeningen:

Stappen: inclusief voetgangersbeleid nodig

De afstanden die mensen lopend kunnen afleggen zijn beperkt. Dat geldt in het bijzonder voor mensen met een fysieke beperking. De afgelopen tijd zijn de loopafstanden naar haltes toegenomen doordat haltes zijn opgeheven, uit elkaar zijn getrokken ten behoeve van de doorstroming van het OV of omdat er door wijzigingen in de dienstregeling vaker moet worden overgestapt. Voor mensen die niet of moeilijk kunnen lopen leveren hoogteverschillen vaak belemmeringen op. Voor mensen met een visuele beperking, mensen die moeite hebben met zich oriënteren of informatie te begrijpen en verwerken is overzichtelijkheid, bewegwijzering en routegeleiding nodig.

Daarom zijn verkeers- en sociaal veilige, obstakelvrije looproutes met voldoende rust- en oversteekmogelijkheden en voor iedereen bruikbare stijgpunten (trappen, hellingen, roltrappen en liften) noodzakelijk. Gemeenten doen er goed aan om voetgangersbeleid te maken en de Vervoerregio zou dit moeten stimuleren, faciliteren en budgetteren; lopen is altijd onderdeel van ketenmobiliteit.

Trappen: aandacht voor lusten én lasten nodig

Voor mensen met een zware beperking is de fiets meestal geen alternatief. Mensen met een lichtere beperking, chronische aandoening, waaronder veel ouderen maken wel gebruik van een (aangepaste) fiets. Scootmobielen en Canta’s zijn ‘gehandicaptenvoertuigen’, en maken vaak gebruik van de fiets-infrastructuur.

Fietsen heeft veel voordelen en wordt actief gepromoot. Het is noodzakelijk om ook naar ongewenste bijeffecten te kijken:

Het Openbaar Vervoer: terug als basisvoorziening en toegankelijk voor iedereen

Veel mensen met een beperking zouden graag gebruik maken van het openbaar vervoer, maar kunnen dat niet of onvoldoende doordat het niet goed toegankelijk is. Teveel mensen hebben hun mobiliteit zien afnemen en betalen veel geld voor een slecht bereikbaar en ontoegankelijk en onvoldoende betrouwbaar OV systeem. Het verdienmodel en de wijze waarop dat berekend wordt is aan een grondige herziening toe, zodat het weer de sociale functie kan vervullen die het ooit had.

Het bestuursakkoord Toegankelijk Openbaar Vervoer: uitvoeringsplan nodig

Hoe gaat de Vervoerregio tussen nu en 2035 ervoor zorgen dat haltes en materieel in samenhang voor iedereen toegankelijk zijn? Daar ligt vooral voor de tramhaltes een enorme opgave. Er is een uitvoeringsplan nodig mét financiering om de verplichtingen uit het VN Verdrag handicap te kunnen nakomen.

Mobiliteitsdiensten: beschikbare, toegankelijke en betrouwbare alternatieven gewenst